Verlossing:
Jezus heeft Zijn leven voor mij gegeven.
Hoe antwoord ik hierop? Wat heb ik voor iemand over? Wat geef ik? Bijvoorbeeld: ik heb de hele dag gewerkt en ik ben moe. Ik zie dan dat iemand nog met een taak bezig is of dat iemand heel erg verdrietig is of dat iemand wat steun kan gebruiken, zet ik me dan voor die persoon in of denk ik dan alleen aan mezelf. Waar ligt dan mijn hart, mijn liefde?

Verzoening:
Ik weet niet hoe dat bij u is, maar ik heb geregeld de neiging om mezelf niet te accepteren omdat ik vind dat ik niet goed genoeg ben, of niet mooi genoeg of dat ik niet genoeg gedaan heb. En zo zijn er vaak allerlei kleine en grote dingen. Maar wat zegt Jezus nu? Hij zegt: Ik
houd van je zoals je bent. Ik heb mijn leven voor jou gegeven. Dit geeft een grote rust. Ik hoef mezelf niet meer steeds te bewijzen.
Vertroosting:
In dit woord zit het woordje: troost. Het geeft een gevoel van troost als ik weet dat niet alles alleen van mij afhangt. Jezus is bij me. Hij laat me niet alleen. Ook als ik iets fout heb gedaan, als ik totaal niets meer kan, ook dan is Hij bij me. De grote druk die we vaak toch in deze maatschappij ervaren, is er dan af. Het gaat niet alleen om presteren, presteren en nog meer presteren.
Verbondenheid:
We voelen ons verbonden met elkaar en de gehele mensheid omdat we allemaal door Jezus verlost zijn. We voelen ons ook verbonden met de natuur. De gehele schepping is toch een gave van God. Als je door de tuin loopt en je ziet dan zo’n mooie bloem dan voel je dat God bij je is. Dat Hij je toelacht in dit stukje van Zijn schepping. Je voelt dan God heel dicht bij je.
Vrijheid:
De liefde van Christus, die je iedere dag mag ervaren, geeft een gevoel van vrijheid. Dat gevoel ontstaat omdat je niet alles zelf hoeft te doen. Je mag ook op Hem rekenen. Dat gevoel ontstaat ook omdat je los kunt laten dat je perfect moet zijn. Dat je nooit een fout mag maken. Dat je moet zijn zoals anderen willen dat je bent. Nee, dit alles kunnen we loslaten want Jezus houdt van mij zoals ik ben.
Vertrouwen:
Dat wat ik bij vrijheid geschreven heb, geeft niet alleen vrijheid maar geeft ook vertrouwen. Vertrouwen dat alles goed komt. Vertrouwen omdat we steeds een nieuwe kans krijgen. Vertrouwen in de toekomst omdat we weten dat Jezus ons niet alleen laat, omdat Hij weet wat goed voor ons is. Dit gevoel mag ik heel diep van binnen ervaren maar mag ik ook doorgeven aan iedereen die ik iedere dag weer ontmoet.
Vrede:
Het vertrouwen, de vrijheid die je ervaart geeft een vrede in je hart. Vrede omdat ik zelf niet alles hoef te doen. Vrede omdat alles goed komt. Vrede omdat ik niet perfect hoeft te zijn. Vrede omdat ik vergeven word als ik toch iets gedaan heb wat niet goed was. De vrede van de innerlijke rust.
Het geeft ook vrede tussen groepen mensen. Vrede omdat we allemaal gelijk zijn voor Jezus. Hij heeft Zijn Leven gegeven voor iedereen, echt iedereen. Jezus maakt geen uitzondering.
Vreugde:
Het feit dat we verlost zijn, dat we steeds weer opnieuw mogen beginnen, dat we mogen zijn zoals we zijn geeft een vreugde in ons hart. Deze vreugde proberen we aan anderen door te geven. Natuurlijk weten we ook dat er in de wereld veel problemen zijn en dat mensen vaak
veel moeilijkheden ervaren maar onze spiritualiteit geeft ons toch een diepe vreugde in ons hart omdat we weten dat wat er ook gebeurt we worden geliefd.

Vriendelijkheid:
Alle genoemde woorden geven samen dat we iedereen en ook onszelf met vriendelijkheid tegemoet kunnen gaan. Vriendelijk omdat we Gods goedheid kennen die Hij voor ons heeft maar ook voor degene die we ontmoeten. God is in iedereen aanwezig. We proberen het gelaat van God te herkennen in iedereen die we ontmoeten.
Vergeving:
We proberen steeds weer elkaar te vergeven, omdat Christus door Zijn lijden, sterven en verrijzenis ook onze zonden heeft uitgewist. U begrijpt dat als een groep vrouwen bij elkaar woont er ook soms iets gebeurt wat minder goed was. Maar omdat we zelf steeds vergeven worden door Christus, kunnen we ook de anderen steeds vergeven.
